Een tafel vol Vlinders – Tim Krabbé

1 minuut

In een middag gelezen. Dat vind ik een van de mooie dingen aan een novelle, je kan zo’n verhaal in een aantal uren helemaal rond hebben.

Het boek bestaat uit twee delen. Het eerste deel, ‘Het vijverspook’ is het verhaal van Fred. Op zijn tweeëntwintigste ontmoet hij Nicolien, een vrouw met een kind dat Bram heet. Als de relatie eindigt omdat zij met een andere verder wil is hij inmiddels zo aan Bram verknocht dat hij niet van Bram wil scheiden.

Nicolien stelt hem voor de keus of helemaal uit hun leven verdwijnen of deeltijdvader worden. Het wordt het laatste. Twee dagen in de week logeert Bram bij Fred.

En Bram was zijn zoon. Juist omdat hij het niet was – van je eigen zoon zou je verplicht zijn te houden, waardoor je altijd moest twijfelen of je het wel echt deed; van Bram hield hij omdat het Bram was.

Fred wil dat Bram wordt wat hij niet geworden is, een groot schijver en vooral niet burgerlijk.

Het tweede deel, ‘Het scherfje’ is het verhaal van de zoon. Bram is op reis geweest om een magische steen in Nieuw Zeeland aan te raken. De steen valt tegen maar toch wil hij verder reizen. Hij komt echter tijdelijk terug naar Nederland. Daar ontmoet hij emma bij een bushalte. Hij wordt verliefd. Zij blijft bij hem en keert niet terug bij haar verloofde. Ze hebben hun eigen plek en doen wat verliefden doen.

Bram zoekt naar zijn verleden en hij gaat bij zijn grootouders op bezoek. Zijn moeder geeft hem de raad met alles te breken.

Dit doet hij. Hij breekt met Emma.

Een mooi verhaal met open einde. Dat is het minpunt aan dit boek.

Geef een reactie